DE EERSTE BRIEF VAN JOHANNES 2 - 1 Joh 2 -
- bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -
- 1 Joh 2,1-5a -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,28-3,10 -

- bijbeloverzicht per pericope - bijbeloverzicht per vers - bijbeloverzicht : liturgisch gebruik - bijbeloverzicht : woordgebruik -- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -- bijbeloverzicht : commentaar -

Overzicht van het N.T. : NT : overzicht , NT : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , NT : commentaar ,

OVERZICHT 1 Joh - TAALGEBRUIK 1 Joh - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -- COMMENTAAR 1 Joh .

Overzicht : 1 Joh 1 , 1 Joh 2 , 1 Joh 3 , 1 Joh 4 , 1 Joh 5
Uitleg per pericope :
- 1 Joh 1,5-2,2 : Bevrijd van de zonde .
- 1 Joh 2,3-11 : Gods geboden onderhouden .
- 1 Joh 2,12-17 : De situatie van de lezers .
- 1 Joh 2,18-27 : De antichrist .
- 1 Joh 2,28-3,10 : Kinderen van God .
Uitleg vers per vers : - 1 Joh 2,1 - 1 Joh 2,2 - 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 - 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 - 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 - 1 Joh 2,28 - 1 Joh 2,29 -


Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
     
 
http://www.bible-history.com/isbe/            
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts (Vlaams Blok) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur .
Liturgisch gebruik
- 1 Joh 2,1-5a : 3de (derde) paaszondag B .
Overzicht van de bijbelboeken
-
bijbeloverzicht , bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Oude Testament , Pentateuch , Historische boeken , Profeten , Wijsheidsboeken , NT : overzicht , Evangelies , Synoptici , Brieven
- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)

Lezing op de 3de (derde) paaszondag B : 1 Joh 2,1-5a . Verwijzing : 1 Joh 2,1-5a .

Vrienden, ik schrijf u met de bedoeling dat gij niet zoudt zondigen. Maar ook al zou iemand zonde bedrijven: we hebben een voorspreker bij de Vader, Jezus Christus, die geheel zondeloos is, die al onze zonden goedmaakt en niet die van ons maar die van de hele wereld. Hoe weten wij dat wij God kennen? Er is maar één bewijs: dat we ons houden aan zijn geboden. Wie zegt dat hij Hem kent maar zich niet stoort aan zijn geboden is een leugenaar; in zo iemand woont de waarheid niet. Maar in een mens die gehoorzaam is aan Gods woord, heeft zijn liefde werkelijk haar volmaaktheid bereikt.

1 Joh 2,1 - 1 Joh 2,1 : Bevrijd van de zonde - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 1 -- 1 Joh 1,5-2,2 -- 1 Joh 1,5 - 1 Joh 1,6 - 1 Joh 1,7 - 1 Joh 1,8 - 1 Joh 1,9 - 1 Joh 1,10 -- 1 Joh 2,1 - 1 Joh 2,2 -
Griekse tekst Vulgaat 3de (derde) paaszondag B  Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
1teknia mou, tauta grafô umin ina mè amartète. kai ean tis amartè, paraklèton echomen pros ton patera, ièsoun christon dikaion:   1 filioli mei haec scribo vobis ut non peccetis sed et si quis peccaverit advocatum habemus apud Patrem Iesum Christum iustum  Vrienden, ik schrijf u met de bedoeling dat gij niet zoudt zondigen. Maar ook al zou iemand zonde bedrijven: we hebben een voorspreker bij de Vader, Jezus Christus,  1 Mijn kinderkens, ik schrijf u deze dingen, opdat gij niet zondigt. En indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij den Vader, Jezus Christus, den Rechtvaardige;   [1] Kinderen, ik schrijf u dit met de bedoeling dat u niet zou zondigen. Maar ook al zou iemand zonde doen: we hebben een helper* bij de Vader, Jezus Christus, die rechtvaardig is,   [1] Kinderen, ik schrijf u dit opdat u niet zondigt. Mocht een van u echter toch zondigen, dan hebben wij een pleitbezorger bij de Vader: Jezus Christus, de rechtvaardige.   1 ¶ Mijn kinderen, dit schrijf ik u opdat ge niet zondigt; en áls iemand zondigt, dan hebben we een voorspraak bij de Vader: Jezus Christus, de rechtvaardige;  1. Petits enfants, je vous écris ceci pour que vous ne péchiez pas. Mais si quelqu'un vient à pécher, nous avons comme avocat auprès du Père Jésus Christ, le Juste.  

King James Bible . [1] My little children, these things write I unto you, that ye sin not. And if any man sin, we have an advocate with the Father, Jesus Christ the righteous:
Luther-Bibel . 2 1 Meine Kinder, dies schreibe ich euch, damit ihr nicht sündigt. Und wenn jemand sündigt, so haben wir einen Fürsprecher bei dem Vater, Jesus Christus, der gerecht ist.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,1 .

1 Joh 2,2 - 1 Joh 2,2 : Bevrijd van de zonde - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 1 -- 1 Joh 1,5-2,2 -- 1 Joh 1,5 - 1 Joh 1,6 - 1 Joh 1,7 - 1 Joh 1,8 - 1 Joh 1,9 - 1 Joh 1,10 -- 1 Joh 2,1 - 1 Joh 2,2 -
Griekse tekst Vulgaat 3de (derde) paaszondag B  Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
2kai autos ilasmos estin peri tôn amartiôn èmôn, ou peri tôn èmeterôn de monon alla kai peri olou tou kosmou.   2 et ipse est propitiatio pro peccatis nostris non pro nostris autem tantum sed etiam pro totius mundi   die geheel zondeloos is, die al onze zonden goedmaakt en niet die van ons maar die van de hele wereld.   2 En Hij is een verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld.   [2] die onze zonden uitwist, en niet alleen die van ons, maar die van de hele wereld. [2] Hij is het die verzoening brengt voor onze zonden, en niet alleen voor die van ons, maar voor de zonden van de hele wereld.   2 zelf is hij de verzoeningvan onze zonden, niet van de onze alleen maar ook van heel de wereld.  2. C'est lui qui est victime de propitiation pour nos péchés, non seulement pour les nôtres, mais aussi pour ceux du monde entier. principalement celui de la charité.  

King James Bible . [2] And he is the propitiation for our sins: and not for ours only, but also for the sins of the whole world.
Luther-Bibel . 2 Und er ist die Versöhnung für unsre Sünden, nicht allein aber für die unseren, sondern auch für die der ganzen Welt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,2 .

1 Joh 2,3-11 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -

1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,3 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat 3de (derde) paaszondag B  Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
3kai en toutô ginôskomen oti egnôkamen auton, ean tas entolas autou tèrômen.   3 et in hoc scimus quoniam cognovimus eum si mandata eius observemus  Hoe weten wij dat wij God kennen? Er is maar één bewijs: dat we ons houden aan zijn geboden.   3 En hieraan kennen wij, dat wij Hem gekend hebben, zo wij Zijn geboden bewaren.   [3] Hoe weten wij dat we God* kennen? Doordat* we ons houden aan zijn geboden.   [3] Dat wij God kennen weten we doordat we ons aan zijn geboden houden.   3 ¶ En hieraan onderkennen we dat we hem kennen: als we zijn geboden houden.  3. A ceci nous savons que nous le connaissons : si nous gardons ses commandements.  

King James Bible . [3] And hereby we do know that we know him, if we keep his commandments.
Luther-Bibel . 3 Und daran merken wir, dass wir ihn kennen, wenn wir seine Gebote halten.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,3 .

1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,4 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat 3de (derde) paaszondag B  Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
4o legôn oti egnôka auton, kai tas entolas autou mè tèrôn, pseustès estin, kai en toutô è alètheia ouk estin:   4 qui dicit se nosse eum et mandata eius non custodit mendax est in hoc veritas non est   Wie zegt dat hij Hem kent maar zich niet stoort aan zijn geboden is een leugenaar; in zo iemand woont de waarheid niet.  4 Die daar zegt: Ik ken Hem, en Zijn geboden niet bewaart, die is een leugenaar, en in dien is de waarheid niet;   [4] Wie zegt* dat hij Hem kent, maar zich niet houdt aan zijn geboden, is een leugenaar; in zo iemand woont de waarheid niet.   [4] Wie zegt: ‘Ik ken hem,’ maar zich niet aan zijn geboden houdt, is een leugenaar; de waarheid is niet in hem.   4 Wie zegt: ik kén hem en zijn geboden niet houdt, is een leugenaar en in hem woont de waarheid niet;   4. Qui dit : « Je le connais » alors qu'il ne garde pas ses commandements est un menteur, et la vérité n'est pas en lui.  

King James Bible . [4] He that saith, I know him, and keepeth not his commandments, is a liar, and the truth is not in him.
Luther-Bibel . 4 Wer sagt: Ich kenne ihn, und hält seine Gebote nicht, der ist ein Lügner, und in dem ist die Wahrheit nicht.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,4 .

1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,5 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat 3de (derde) paaszondag B  Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
5os d an tèrè autou ton logon, alèthôs en toutô è agapè tou theou teteleiôtai. en toutô ginôskomen oti en autô esmen: 5 qui autem servat verbum eius vere in hoc caritas Dei perfecta est in hoc scimus quoniam in ipso sumus  Maar in een mens die gehoorzaam is aan Gods woord, heeft zijn liefde werkelijk haar volmaaktheid bereikt. 5 Maar zo wie Zijn Woord bewaart, in dien is waarlijk de liefde Gods volmaakt geworden; hieraan kennen wij, dat wij in Hem zijn.  [5] Maar in een mens die Gods woord bewaart, heeft zijn liefde werkelijk haar volmaaktheid bereikt; daardoor weten we zeker dat we in Hem zijn.   [5] In wie zich aan Gods woord houdt, is zijn liefde ten volle werkelijkheid geworden; hierdoor weten we dat we in hem zijn.   5 maar wie zijn woord houdt, waarlijk, in hem is de liefde van God volmaakt geworden. Hieraan herkennen we dat we ‘in hem’ zijn:  5. Mais celui qui garde sa parole, c'est en lui vraiment que l'amour de Dieu est accompli. A cela nous savons que nous sommes en lui. 

King James Bible . [5] But whoso keepeth his word, in him verily is the love of God perfected: hereby know we that we are in him.
Luther-Bibel . 5 Wer aber sein Wort hält, in dem ist wahrlich die Liebe Gottes vollkommen. Daran erkennen wir, dass wir in ihm sind.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,5 .

1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,6 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
6o legôn en autô menein ofeilei kathôs ekeinos periepatèsen kai autos [outôs] peripatein.   6 qui dicit se in ipso manere debet sicut ille ambulavit et ipse ambulare    6 Die zegt, dat hij in Hem blijft, die moet ook zelf alzo wandelen, gelijk Hij gewandeld heeft.   [6] Wie zegt dat hij met God verbonden is, moet zelf leven zoals Jezus geleefd heeft.   [6] Wie zegt in hem te blijven, behoort in de voetsporen van Jezus te treden.   6 wie zegt ‘in hem’ te blijven hoort zelf te wandelen zoals híj gewandeld heeft.   6. Celui qui prétend demeurer en lui doit se conduire à son tour comme celui-là s'est conduit.  

King James Bible . [6] He that saith he abideth in him ought himself also so to walk, even as he walked.
Luther-Bibel . 6 Wer sagt, dass er in ihm bleibt, der soll auch leben, wie er gelebt hat.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,6 .

1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,7 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
7agapètoi, ouk entolèn kainèn grafô umin, all entolèn palaian èn eichete ap archès: è entolè è palaia estin o logos on èkousate.   7 carissimi non mandatum novum scribo vobis sed mandatum vetus quod habuistis ab initio mandatum vetus est verbum quod audistis    7 Broeders! Ik schrijf u geen nieuw gebod, maar een oud gebod, dat gij van den beginne gehad hebt; dit oud gebod is het woord, dat gij van den beginne gehoord hebt.   [7] Geliefden, niet over een nieuw gebod schrijf ik u, maar over een oud* gebod, dat u vanaf het begin hebt gehad. Het oude gebod is het woord dat u hebt gehoord.  [7] Geliefde broeders en zusters, ik houd u in deze brief geen nieuw gebod voor maar een oud, dat u vanaf het begin bekend is. Dat oude gebod is de boodschap die u gehoord hebt.   7 ¶ Geliefden, het is geen nieuw gebod dat ik u schrijf, nee het is een óud gebod dat ge al hebt van het begin af: het gebod van vanouds is het woord dat ge hebt gehoord!  7. Bien-aimés, ce n'est pas un commandement nouveau que je vous écris, c'est un commandement ancien, que vous avez reçu dès le début. Ce commandement ancien est la parole que vous avez entendue. 

King James Bible . [7] Brethren, I write no new commandment unto you, but an old commandment which ye had from the beginning. The old commandment is the word which ye have heard from the beginning.
Luther-Bibel . 7 Meine Lieben, ich schreibe euch nicht ein neues Gebot, sondern das alte Gebot, das ihr von Anfang an gehabt habt. Das alte Gebot ist das Wort, das ihr gehört habt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,7 .

1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,8 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
8palin entolèn kainèn grafô umin, o estin alèthes en autô kai en umin, oti è skotia paragetai kai to fôs to alèthinon èdè fainei.  8 iterum mandatum novum scribo vobis quod est verum et in ipso et in vobis quoniam tenebrae transeunt et lumen verum iam lucet    8 Wederom schrijf ik u een nieuw gebod: hetgeen waarachtig is in Hem, zij ook in u waarachtig; want de duisternis gaat voorbij, en het waarachtige licht schijnt nu.  [8] Toch is het ook weer een nieuw* gebod, dat werkelijkheid is in Hem en in u, want de duisternis gaat voorbij en het waarachtige licht schijnt reeds.   [8] Toch is het ook een nieuw gebod, omdat de duisternis wijkt en het ware licht al schijnt, en dit is werkelijkheid in Jezus’ leven en in uw leven.   8 Toch schrijf ik u ook een nieuw gebod: wat waarheid is bij hem, dat zij het ook bij u!– omdat de duisternis voorbijgaat en het waarachtige licht reeds schijnt;  8. Et néanmoins, encore une fois, c'est un commandement nouveau que je vous écris - ce qui est vrai pour vous comme pour lui - puisque les ténèbres s'en vont et que la véritable lumière brille déjà. 

King James Bible . [8] Again, a new commandment I write unto you, which thing is true in him and in you: because the darkness is past, and the true light now shineth.
Luther-Bibel . 8 Und doch schreibe ich euch ein neues Gebot, das wahr ist in ihm und in euch; denn die Finsternis vergeht und das wahre Licht scheint jetzt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,8 .

1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,9 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
9o legôn en tô fôti einai kai ton adelfon autou misôn en tè skotia estin eôs arti.   9 qui dicit se in luce esse et fratrem suum odit in tenebris est usque adhuc     9 Die zegt, dat hij in het licht is, en zijn broeder haat, die is in de duisternis tot nog toe.   [9] Wie zegt* in het licht te wonen maar zijn broeder haat, die woont nog steeds in duisternis.   [9] Wie zegt in het licht te zijn maar zijn broeder of zuster haat, bevindt zich nog altijd in de duisternis. 9 wie zegt in het licht te wonen en zijn broeder–of–zuster haat, verkeert nog altijd in het duister;   9. Celui qui prétend être dans la lumière tout en haïssant son frère est encore dans les ténèbres.  

King James Bible . [9] He that saith he is in the light, and hateth his brother, is in darkness even until now.
Luther-Bibel . 9 Wer sagt, er sei im Licht, und hasst seinen Bruder, der ist noch in der Finsternis.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,9 .

1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,10 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
10o agapôn ton adelfon autou en tô fôti menei, kai skandalon en autô ouk estin:   10 qui diligit fratrem suum in lumine manet et scandalum in eo non est     10 Die zijn broeder liefheeft, blijft in het licht, en geen ergernis is in hem.   [10] Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht en komt* niet ten val.   [10] Wie de ander liefheeft, blijft in het licht en komt niet ten val,   10 wie zijn broeder–of–zuster liefheeft woont blijvend in het licht en struikeling is er bij hem niet;   10. Celui qui aime son frère demeure dans la lumière et il n'y a en lui aucune occasion de chute.  

King James Bible . [10] He that loveth his brother abideth in the light, and there is none occasion of stumbling in him.
Luther-Bibel . 10 Wer seinen Bruder liebt, der bleibt im Licht, und durch ihn kommt niemand zu Fall.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,10 .

1 Joh 2,11 - 1 Joh 2,11 : Gods geboden onderhouden  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,3-11 -- 1 Joh 2,3 - 1 Joh 2,4 - 1 Joh 2,5 - 1 Joh 2,6 - 1 Joh 2,7 - 1 Joh 2,8 - 1 Joh 2,9 - 1 Joh 2,10 - 1 Joh 2,11 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
11o de misôn ton adelfon autou en tè skotia estin kai en tè skotia peripatei, kai ouk oiden pou upagei, oti è skotia etuflôsen tous ofthalmous autou.   11 qui autem odit fratrem suum in tenebris est et in tenebris ambulat et nescit quo eat quoniam tenebrae obcaecaverunt oculos eius     11 Maar die zijn broeder haat, is in de duisternis, en wandelt in de duisternis, en weet niet, waar hij henengaat; want de duisternis heeft zijn ogen verblind.  [11] Maar wie zijn broeder haat, woont in duisternis. Hij tast in het donker en weet niet waarheen zijn weg hem voert, want de duisternis heeft hem blind gemaakt. De situatie van de lezers  [11] maar wie de ander haat, bevindt zich in de duisternis. Hij gaat zijn weg in het duister, zonder te weten waarheen die weg voert, want de duisternis heeft hem blind gemaakt.   11 wie zijn broeder–of–zuster haat is in het duister en wandelt in het duister, en hij weet niet waar hij heengaat, omdat de duisternis zijn ogen heeft verblind.   11. Mais celui qui hait son frère est dans les ténèbres, il marche dans les ténèbres, il ne sait où il va, parce que les ténèbres ont aveuglé ses yeux.  

King James Bible . [11] But he that hateth his brother is in darkness, and walketh in darkness, and knoweth not whither he goeth, because that darkness hath blinded his eyes.
Luther-Bibel . 11 Wer aber seinen Bruder hasst, der ist in der Finsternis und wandelt in der Finsternis und weiß nicht, wo er hingeht; denn die Finsternis hat seine Augen verblendet.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,11 .

1 Joh 2,12-17 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -

1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,12 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
12grafô umin, teknia, oti afeôntai umin ai amartiai dia to onoma autou.   12 scribo vobis filioli quoniam remittuntur vobis peccata propter nomen eius     12 Ik schrijf u, kinderkens, want de zonden zijn u vergeven om Zijns Naams wil.  [12] Ik schrijf u, kinderen, dat uw zonden vergeven zijn ter wille van zijn naam.  [12] Kinderen, ik schrijf u dat uw zonden u vergeven zijn omwille van zijn naam.   12 ¶ Ik schrijf u, kinderen, omdat u de zonden zijn vergeven ter wille van zijn naam!  12. Je vous écris, petits enfants, parce que vos péchés vous sont remis par la vertu de son nom.  

King James Bible . [12] I write unto you, little children, because your sins are forgiven you for his name's sake.
Luther-Bibel . 12 Liebe Kinder, ich schreibe euch, dass euch die Sünden vergeben sind um seines Namens willen.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,12 .

1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,13 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
13grafô umin, pateres, oti egnôkate ton ap archès. grafô umin, neaniskoi, oti nenikèkate ton ponèron.   13 scribo vobis patres quoniam cognovistis eum qui ab initio est scribo vobis adulescentes quoniam vicistis malignum     13 Ik schrijf u, vaders! want gij hebt Hem gekend, Die van den beginne is. Ik schrijf u, jongelingen, want gij hebt den boze overwonnen. Ik schrijf u, kinderen, want gij hebt den Vader gekend.   [13] Ik schrijf u, vaders, dat u Hem* kent die er was vanaf het begin. Ik schrijf u, jonge mannen, dat u de boze overwonnen hebt.   [13] Ik schrijf u, ouderen: u kent hem die er is vanaf het begin. Ik schrijf u, jongeren: u hebt hem die het kwaad zelf is overwonnen.  13 Ik schrijf u, vaders, omdat ge hem hebt leren kennen die er van het begin af is; ik schrijf u, jongemannen, omdat ge de boze hebt overwonnen.   13. Je vous écris, pères, parce que vous connaissez celui qui est dès le commencement. Je vous écris, jeunes gens, parce que vous avez vaincu le Mauvais.  

King James Bible . [13] I write unto you, fathers, because ye have known him that is from the beginning. I write unto you, young men, because ye have overcome the wicked one. I write unto you, little children, because ye have known the Father.
Luther-Bibel . 13 Ich schreibe euch Vätern; denn ihr kennt den, der von Anfang an ist. Ich schreibe euch jungen Männern; denn ihr habt den Bösen überwunden.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,13 .

1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,14 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
14egrapsa umin, paidia, oti egnôkate ton patera. egrapsa umin, pateres, oti egnôkate ton ap archès. egrapsa umin, neaniskoi, oti ischuroi este kai o logos tou theou en umin menei kai nenikèkate ton ponèron.   14 scripsi vobis infantes quoniam cognovistis Patrem scripsi vobis patres quia cognovistis eum qui ab initio scripsi vobis adulescentes quia fortes estis et verbum Dei in vobis manet et vicistis malignum    14 Ik heb u geschreven, vaders, want gij hebt Hem gekend, Die van den beginne is. Ik heb u geschreven, jongelingen, want gij zijt sterk, en het Woord Gods blijft in u, en gij hebt den boze overwonnen.   [14] Kinderen, ik schrijf u dat u de Vader kent. Ik schrijf u, vaders, dat u Hem kent die er was vanaf het begin. Ik schrijf u, jonge mannen, dat u sterk bent. Gods woord woont in u en u hebt de boze overwonnen.   [14] Kinderen, ik schrijf u dus dat u de Vader kent. Ouderen, u schrijf ik: u kent hem die er is vanaf het begin. Jongeren, u schrijf ik: u bent sterk, het woord van God blijft in u, en u hebt het kwaad overwonnen.   14 Ik heb u geschreven, kinderen, omdat ge de Vader hebt leren kennen,– ik heb u geschreven, vaders, omdat ge hem hebt leren kennen die er van het begin af is; ik heb u geschreven, jongemannen, omdat ge sterk zijt en het woord Gods in u blijft en ge de boze hebt overwonnen:   14. Je vous ai écrit, petits-enfants, parce que vous connaissez le Père. Je vous ai écrit, pères, parce que vous connaissez celui qui est dès le commencement. Je vous ai écrit, jeunes gens, parce que vous êtes forts, que la parole de Dieu demeure en vous et que vous avez vaincu le Mauvais.  

King James Bible . [14] I have written unto you, fathers, because ye have known him that is from the beginning. I have written unto you, young men, because ye are strong, and the word of God abideth in you, and ye have overcome the wicked one.
Luther-Bibel . 14 Ich habe euch Kindern geschrieben; denn ihr kennt den Vater. Ich habe euch Vätern geschrieben; denn ihr kennt den, der von Anfang an ist. Ich habe euch jungen Männern geschrieben; denn ihr seid stark und das Wort Gottes bleibt in euch, und ihr habt den Bösen überwunden.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,14 .

1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,15 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
15mè agapate ton kosmon mède ta en tô kosmô. ean tis agapa ton kosmon, ouk estin è agapè tou patros en autô: 15 nolite diligere mundum neque ea quae in mundo sunt si quis diligit mundum non est caritas Patris in eo    15 Hebt de wereld niet lief, noch hetgeen in de wereld is; zo iemand de wereld liefheeft, de liefde des Vaders is niet in hem.   [15] Verlies uw hart niet aan de wereld* of aan de dingen in de wereld! Als iemand de wereld liefheeft, woont de liefde van de Vader niet in hem.   [15] Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem,   15 hebt niet de wereld lief noch wat in de wereld omgaat; als iemand de wereld liefheeft, woont de liefde voor de Vader niet in hem,   15. N'aimez ni le monde ni ce qui est dans le monde. Si quelqu'un aime le monde, l'amour du Père n'est pas en lui.  

King James Bible . [15] Love not the world, neither the things that are in the world. If any man love the world, the love of the Father is not in him.
Luther-Bibel . 15 Habt nicht lieb die Welt noch was in der Welt ist. Wenn jemand die Welt lieb hat, in dem ist nicht die Liebe des Vaters.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,15 .

1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,16 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
16oti pan to en tô kosmô, è epithumia tès sarkos kai è epithumia tôn ofthalmôn kai è alazoneia tou biou, ouk estin ek tou patros all ek tou kosmou estin.  16 quoniam omne quod est in mundo concupiscentia carnis et concupiscentia oculorum est et superbia vitae quae non est ex Patre sed ex mundo est    16 Want al wat in de wereld is, namelijk de begeerlijkheid des vleses, en de begeerlijkheid der ogen, en de grootsheid des levens, is niet uit den Vader, maar is uit de wereld.   [16] Want al wat in de wereld is, de hebzucht, de afgunst en het pronken met bezit, dat alles komt niet van de Vader maar van de wereld.   [16] want alles wat in de wereld is – zelfzuchtige begeerte, afgunstige inhaligheid, pronkzucht –, dat alles komt niet uit de Vader voort maar uit de wereld.   16 omdat al wat in de wereld omgaat: het verlangen van vlees–en–bloed, alles waar de ogen naar verlangen en het pronken met bezit, niet uit de Vader voortkomt maar uit de wereld;   16. Car tout ce qui est dans le monde - la convoitise de la chair, la convoitise des yeux et l'orgueil de la richesse - vient non pas du Père, mais du monde.  

King James Bible . [16] For all that is in the world, the lust of the flesh, and the lust of the eyes, and the pride of life, is not of the Father, but is of the world.
Luther-Bibel . 16 Denn alles, was in der Welt ist, des Fleisches Lust und der Augen Lust und hoffärtiges Leben, ist nicht vom Vater, sondern von der Welt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,16 .

1 Joh 2,17 - 1 Joh 2,17 : De situatie van de lezers - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,12-17 -- 1 Joh 2,12 - 1 Joh 2,13 - 1 Joh 2,14 - 1 Joh 2,15 - 1 Joh 2,16 - 1 Joh 2,17 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
17kai o kosmos paragetai kai è epithumia autou, o de poiôn to thelèma tou theou menei eis ton aiôna.   17 et mundus transit et concupiscentia eius qui autem facit voluntatem Dei manet in aeternum    17 En de wereld gaat voorbij, en haar begeerlijkheid; maar die den wil van God doet, blijft in der eeuwigheid.   [17] En die wereld gaat voorbij met heel haar begeerlijkheid, maar wie de wil doet van God blijft in eeuwigheid. [17] De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid.   17 de wereld gaat voorbij, en haar verlangen ook, maar wie doet wat Gód wil, blijft tot in de eeuwigheid.   17. Or le monde passe avec ses convoitises ; mais celui qui fait la volonté de Dieu demeure éternellement.  

King James Bible . [17] And the world passeth away, and the lust thereof: but he that doeth the will of God abideth for ever.
Luther-Bibel . 17 Und die Welt vergeht mit ihrer Lust; wer aber den Willen Gottes tut, der bleibt in Ewigkeit.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,17 .

1 Joh 2,18-27 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -

1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,18 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
18paidia, eschatè ôra estin, kai kathôs èkousate oti antichristos erchetai, kai nun antichristoi polloi gegonasin: othen ginôskomen oti eschatè ôra estin.   18 filioli novissima hora est et sicut audistis quia antichristus venit nunc antichristi multi facti sunt unde scimus quoniam novissima hora est     18 Kinderkens, het is de laatste ure; en gelijk gij gehoord hebt, dat de antichrist komt, zo zijn ook nu vele antichristen geworden; waaruit wij kennen, dat het de laatste ure is.   [18] Kinderen, het is het laatste* uur. U hebt gehoord dat de antichrist* moet komen. Inderdaad, er zijn nu al vele antichristen opgestaan, en daardoor weten wij dat het laatste uur is aangebroken.   [18] Kinderen, het laatste uur is aangebroken. U hebt gehoord dat de antichrist zal komen. Nu al treden er veel antichristen op, en daardoor weten we dat dit het laatste uur is.   18 ¶ Kinderen, het is de laatste ure: ge hebt gehoord dat de anti–christus komt, en zo zijn er nu ook vele anti–christussen opgekomen en daaraan onderkennen we dat het de laatste ure is;   18. Petits enfants, voici venue la dernière heure. Vous avez ouï dire que l'Antichrist doit venir ; et déjà maintenant beaucoup d'antichrists sont survenus : à quoi nous reconnaissons que la dernière heure est là.  

King James Bible . [18] Little children, it is the last time: and as ye have heard that antichrist shall come, even now are there many antichrists; whereby we know that it is the last time.
Luther-Bibel . 18 Kinder, es ist die letzte Stunde! Und wie ihr gehört habt, dass der Antichrist kommt, so sind nun schon viele Antichristen gekommen; daran erkennen wir, dass es die letzte Stunde ist.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,18 .

1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,19 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
19ex èmôn exèlthan, all ouk èsan ex èmôn: ei gar ex èmôn èsan, memenèkeisan an meth èmôn: all ina fanerôthôsin oti ouk eisin pantes ex èmôn.  19 ex nobis prodierunt sed non erant ex nobis nam si fuissent ex nobis permansissent utique nobiscum sed ut manifesti sint quoniam non sunt omnes ex nobis    19 Zij zijn uit ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij met ons gebleven zijn; maar dit is geschied, opdat zij zouden openbaar worden, dat zij niet allen uit ons zijn.   [19] Zij zijn uit ons midden voortgekomen, maar zij behoorden niet werkelijk tot ons. Hadden zij tot ons behoord, dan waren zij bij ons gebleven; maar het moest duidelijk worden dat zij geen van allen bij ons horen.   [19] Ze zijn uit ons midden voortgekomen maar ze hoorden niet bij ons, want als ze werkelijk bij ons hadden gehoord, zouden ze bij ons gebleven zijn. Maar het moest aan het licht komen dat niemand van hen bij ons hoorde.   19 uit ons zijn ze voortgekomen maar ze waren niet ‘uit ons’: want als ze uit ons waren geweest dan waren ze wel met ons gebleven; maar het moest openbaar worden dat ze niet, die allen, ‘uit ons’ zijn.  19. Ils sont sortis de chez nous, mais ils n'étaient pas des nôtres. S'ils avaient été des nôtres, ils seraient restés avec nous. Mais il fallait que fût démontré que tous n'étaient pas des nôtres.  

King James Bible . [19] They went out from us, but they were not of us; for if they had been of us, they would no doubt have continued with us: but they went out, that they might be made manifest that they were not all of us.
Luther-Bibel . 19 Sie sind von uns ausgegangen, aber sie waren nicht von uns. Denn wenn sie von uns gewesen wären, so wären sie ja bei uns geblieben; aber es sollte offenbar werden, dass sie nicht alle von uns sind.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,19 .

1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,20 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
20kai umeis chrisma echete apo tou agiou, kai oidate pantes.   20 sed vos unctionem habetis a Sancto et nostis omnia    20 Doch gij hebt de zalving van den Heilige, en gij weet alle dingen.  [20] Ook u bent gezalfd* door de Heilige*, u allen* weet dat.   [20] U echter bent gezalfd door de Heilige, u allen weet dat.*   20 ¶ Maar gij hebt uw chrisma–olie van hem die heilig is en allen zijt ge wetend;   20. Quant à vous, vous avez reçu l'onction venant du Saint, et tous vous possédez la science.  

King James Bible . [20] But ye have an unction from the Holy One, and ye know all things.
Luther-Bibel . 20 Doch ihr habt die Salbung von dem, der heilig ist, und habt alle das Wissen.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,20 .

1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,21 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
21ouk egrapsa umin oti ouk oidate tèn alètheian, all oti oidate autèn, kai oti pan pseudos ek tès alètheias ouk estin.   21 non scripsi vobis quasi ignorantibus veritatem sed quasi scientibus eam et quoniam omne mendacium ex veritate non est    21 Ik heb u niet geschreven, omdat gij de waarheid niet weet, maar omdat gij die weet, en omdat geen leugen uit de waarheid is.  [21] En ik schrijf u niet omdat u de waarheid niet zou kennen, maar juist omdat u haar kent en omdat de leugen onverenigbaar is met de waarheid.   [21] Ik schrijf u niet omdat u de waarheid niet zou kennen, maar juist omdat u die kent en omdat uit de waarheid nooit een leugen voortkomt.   21 ik heb u niet geschreven omdat ge de waarheid niet zoudt weten, nee, juist omdat ge haar weet en omdat al wat leugen is niet uit de waarheid voortkomt.   21. Je vous ai écrit, non que vous ignoriez la vérité, mais parce que vous la connaissez et qu'aucun mensonge ne provient de la vérité.  

King James Bible . [21] I have not written unto you because ye know not the truth, but because ye know it, and that no lie is of the truth.
Luther-Bibel . 21 Ich habe euch nicht geschrieben, als wüsstet ihr die Wahrheit nicht, sondern ihr wisst sie und wisst, dass keine Lüge aus der Wahrheit kommt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,21 .

1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,22 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
22tis estin o pseustès ei mè o arnoumenos oti ièsous ouk estin o christos; outos estin o antichristos, o arnoumenos ton patera kai ton uion. 22 quis est mendax nisi is qui negat quoniam Iesus non est Christus hic est antichristus qui negat Patrem et Filium    22 Wie is de leugenaar, dan die loochent, dat Jezus is de Christus? Deze is de antichrist, die den Vader en den Zoon loochent.   [22] Wie is de leugenaar*? Wie anders dan hij die loochent dat Jezus de Messias is? De antichrist is hij die de Vader en de Zoon verloochent.   [22] Bestaat er een grotere leugenaar dan iemand die ontkent dat Jezus de christus* is? De antichrist is ieder die de Vader en de Zoon niet erkent.   22 Als er íemand de leugenaar is, dan wel wie loochent dat Jezus de Christus is; dát is de anti–christus, die de Vader loochent en de Zoon;  22. Qui est le menteur, sinon celui qui nie que Jésus soit le Christ ? Le voilà l'Antichrist ! Il nie le Père et le Fils. 

King James Bible . [22] Who is a liar but he that denieth that Jesus is the Christ? He is antichrist, that denieth the Father and the Son.
Luther-Bibel . 22 Wer ist ein Lügner, wenn nicht der, der leugnet, dass Jesus der Christus ist? Das ist der Antichrist, der den Vater und den Sohn leugnet.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,22 .

1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,23 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
23pas o arnoumenos ton uion oude ton patera echei: o omologôn ton uion kai ton patera echei.   23 omnis qui negat Filium nec Patrem habet qui confitetur Filium et Patrem habet    23 Een iegelijk, die den Zoon loochent, heeft ook den Vader niet.   [23] Wie de Zoon verloochent, heeft ook de Vader niet; wie de Zoon erkent, heeft ook de Vader.   [23] Ieder die de Zoon niet erkent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon erkent, heeft ook de Vader.   23 ieder die de Zoon verloochent heeft ook de Vader niet; wie de Zoon belijdt heeft ook de Vader.   23. Quiconque nie le Fils ne possède pas non plus le Père. Qui confesse le Fils possède aussi le Père.  

King James Bible . [23] Whosoever denieth the Son, the same hath not the Father: (but) he that acknowledgeth the Son hath the Father also.
Luther-Bibel . 23 Wer den Sohn leugnet, der hat auch den Vater nicht; wer den Sohn bekennt, der hat auch den Vater.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,23 .

1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,24 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
24umeis o èkousate ap archès en umin menetô: ean en umin meinè o ap archès èkousate, kai umeis en tô uiô kai en tô patri meneite.  24 vos quod audistis ab initio in vobis permaneat si in vobis permanserit quod ab initio audistis et vos in Filio et Patre manebitis    24 Hetgeen gijlieden dan van den beginne gehoord hebt, dat blijve in u. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, zo zult gij ook in den Zoon en in den Vader blijven.   [24] Wat u betreft, zorg ervoor dat in u blijft leven wat u vanaf het begin* gehoord hebt; dan zult u zelf in de Zoon blijven en ook in de Vader.   [24] Wat uzelf betreft: wat u vanaf het begin hebt gehoord, laat dat in u blijven. Als in u blijft wat u vanaf het begin hebt gehoord, zult u in de Zoon en in de Vader blijven.   24 U allen: wat ge gehoord hebt van het begin af, laat dat in u blijven; als in u blijft leven wat ge hebt gehoord van het begin af, dan blijft gij ook ‘in de Zoon’ en ‘in de Vader’.   24. Pour vous, que ce que vous avez entendu dès le début demeure en vous. Si en vous demeure ce que vous avez entendu dès le début, vous aussi vous demeurerez dans le Fils et dans le Père.  

King James Bible . [24] Let that therefore abide in you, which ye have heard from the beginning. If that which ye have heard from the beginning shall remain in you, ye also shall continue in the Son, and in the Father.
Luther-Bibel . 24 Was ihr gehört habt von Anfang an, das bleibe in euch. Wenn in euch bleibt, was ihr von Anfang an gehört habt, so werdet ihr auch im Sohn und im Vater bleiben.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,24 .

1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,25 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
25kai autè estin è epaggelia èn autos epèggeilato èmin, tèn zôèn tèn aiônion. 25 et haec est repromissio quam ipse pollicitus est nobis vitam aeternam    25 En dit is de belofte, die Hij ons beloofd heeft, namelijk het eeuwige leven.   [25] En u kent de belofte die Hij ons zelf gedaan heeft: de belofte van eeuwig leven.   [25] En dit is wat hij ons heeft beloofd: het eeuwige leven.   25 En dit is de verkondiging dat hij ons heeft verkondigd: het eeuwige leven!  25. Or telle est la promesse que lui-même vous a faite : la vie éternelle.  

King James Bible . [25] And this is the promise that he hath promised us, even eternal life.
Luther-Bibel . 25 Und das ist die Verheißung, die er uns verheißen hat: das ewige Leben.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,25 .

1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,26 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
26tauta egrapsa umin peri tôn planôntôn umas.   26 haec scripsi vobis de eis qui seducunt vos    26 Dit heb ik u geschreven van degenen, die u verleiden.   [26] Dit schrijf ik u met het oog op hen die u op een dwaalspoor willen brengen.   [26] Dit wilde ik u schrijven over hen die proberen u te misleiden.  26 Dit alles had ik u te schrijven over wie u misleiden;   26. Voilà ce que j'ai tenu à vous écrire au sujet de ceux qui cherchent à vous égarer.  

King James Bible . [26] These things have I written unto you concerning them that seduce you.
Luther-Bibel . 26 Dies habe ich euch geschrieben von denen, die euch verführen.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,26 .

1 Joh 2,27 - 1 Joh 2,27 : De antichrist  - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Joh (Johannes) -- 1 Joh 2 -- 1 Joh 2,18-27 -- 1 Joh 2,18 - 1 Joh 2,19 - 1 Joh 2,20 - 1 Joh 2,21 - 1 Joh 2,22 - 1 Joh 2,23 - 1 Joh 2,24 - 1 Joh 2,25 - 1 Joh 2,26 - 1 Joh 2,27 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
27kai umeis to chrisma o elabete ap autou menei en umin, kai ou chreian echete ina tis didaskè umas: all ôs to autou chrisma didaskei umas peri pantôn, kai alèthes estin kai ouk estin pseudos, kai kathôs edidaxen umas, menete en autô.   27 et vos unctionem quam accepistis ab eo manet in vobis et non necesse habetis ut aliquis doceat vos sed sicut unctio eius docet vos de omnibus et verum est et non est mendacium et sicut docuit vos manete in eo    27 En de zalving, die gijlieden van Hem ontvangen hebt, blijft in u, en gij hebt niet van node, dat iemand u lere; maar gelijk dezelfde zalving u leert van alle dingen, zo is zij ook waarachtig, en is geen leugen; en gelijk zij u geleerd heeft, zo zult gij in Hem blijven.   [27] Wat uzelf aangaat, de zalving* die u van Hem ontvangen hebt blijft u bij, u hebt geen andere leraar nodig. Alles wat zijn zalving u leert, is waar en zonder bedrog. Blijf in Hem zoals zijn zalving u heeft geleerd.   [27] Wat uzelf betreft: de zalving die u van hem ontvangen hebt is blijvend, u hebt geen leraar nodig. Zijn zalving leert u alles naar waarheid, zonder bedrog. Blijf daarom in hem, zoals zijn zalving u geleerd heeft.   27 en voor uzelf: de chrisma–olie die ge van hem hebt ontvangen blijft bij u, en ge hebt niet van node dat iemand u onderricht,– nee, zoals zijn chrisma–olie u over alles onderricht, zo is het ook wáár en geen leugen: zoals hij u heeft onderricht, blijft dáárbij!   27. Quant à vous, l'onction que vous avez reçue de lui demeure en vous, et vous n'avez pas besoin qu'on vous enseigne. Mais puisque son onction vous instruit de tout, qu'elle est véridique, non mensongère, comme elle vous a instruits, demeurez en lui.  

King James Bible . [27] But the anointing which ye have received of him abideth in you, and ye need not that any man teach you: but as the same anointing teacheth you of all things, and is truth, and is no lie, and even as it hath taught you, ye shall abide in him.
Luther-Bibel . 27 Und die Salbung, die ihr von ihm empfangen habt, bleibt in euch, und ihr habt nicht nötig, dass euch jemand lehrt; sondern wie euch seine Salbung alles lehrt, so ist's wahr und ist keine Lüge, und wie sie euch gelehrt hat, so bleibt in ihm.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,27 .

1 Joh 2,28-3,10 : Kinderen van God - 1 Joh 2,28-3,10 -- 1 Joh 2,28 - 1 Joh 2,29 -- 1 Joh 3,1 - 1 Joh 3,2 - 1 Joh 3,3 - 1 Joh 3,4 - 1 Joh 3,5 - 1 Joh 3,6 - 1 Joh 3,7 - 1 Joh 3,8 - 1 Joh 3,9 - 1 Joh 3,10 -

1 Joh 2,28 - 1 Joh 2,28 : Kinderen van God - 1 Joh 2,28-3,10 -- 1 Joh 2,28 - 1 Joh 2,29 -- 1 Joh 3,1 - 1 Joh 3,2 - 1 Joh 3,3 - 1 Joh 3,4 - 1 Joh 3,5 - 1 Joh 3,6 - 1 Joh 3,7 - 1 Joh 3,8 - 1 Joh 3,9 - 1 Joh 3,10 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
28kai nun, teknia, menete en autô, ina ean fanerôthè schômen parrèsian kai mè aischunthômen ap autou en tè parousia autou.   28 et nunc filioli manete in eo ut cum apparuerit habeamus fiduciam et non confundamur ab eo in adventu eius    28 En nu, kinderkens, blijft in Hem; opdat, wanneer Hij zal geopenbaard zijn, wij vrijmoedigheid hebben, en wij van Hem niet beschaamd gemaakt worden in Zijn toekomst.   [28] En nu, kinderen, blijf in Hem. Dan zijn wij vol vertrouwen* als Hij zal verschijnen, en hoeven wij ons bij zijn komst* niet te schamen.  [28] Blijf dus in hem, kinderen. Dan kunnen we vol vertrouwen zijn wanneer hij verschijnt en hoeven we ons niet te schamen bij zijn komst.   28 ¶ Nu dan, kinderen, blijft bij hem!, opdat we, als hij zal verschijnen, vrijheid van spreken zullen hebben en niet beschaamd voor hem hoeven uitwijken bij zijn nadering;  28. Oui, maintenant, demeurez en lui, petits enfants, pour que, s'il venait à paraître, nous ayons pleine assurance, et non point la honte de nous trouver loin de lui à son Avènement.  

King James Bible . [28] And now, little children, abide in him; that, when he shall appear, we may have confidence, and not be ashamed before him at his coming.
Luther-Bibel . 28 Und nun, Kinder, bleibt in ihm, damit wir, wenn er offenbart wird, Zuversicht haben und nicht zuschanden werden vor ihm, wenn er kommt.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,28 .

1 Joh 2,29 - 1 Joh 2,29 : Kinderen van God - 1 Joh 2,28-3,10 -- 1 Joh 2,28 - 1 Joh 2,29 -- 1 Joh 3,1 - 1 Joh 3,2 - 1 Joh 3,3 - 1 Joh 3,4 - 1 Joh 3,5 - 1 Joh 3,6 - 1 Joh 3,7 - 1 Joh 3,8 - 1 Joh 3,9 - 1 Joh 3,10 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
29ean eidète oti dikaios estin, ginôskete oti kai pas o poiôn tèn dikaiosunèn ex autou gegennètai. 29 si scitis quoniam iustus est scitote quoniam et omnis qui facit iustitiam ex ipso natus est     29 Indien gij weet, dat Hij rechtvaardig is, zo weet gij, dat een iegelijk, die de rechtvaardigheid doet, uit Hem geboren is.   [29] Daar u weet dat Hij rechtvaardig is, moet u inzien dat ieder die de gerechtigheid doet, ook uit Hem geboren is.  [29] U weet dat hij rechtvaardig is, en u moet daarom wel inzien dat ieder die rechtvaardig leeft uit God geboren is.   29 als ge weet dat hij een gerechte is, onderkent dan dat ieder die gerechtigheid doet uit hem geboren is.   29. Si vous savez qu'il est juste, reconnaissez que quiconque pratique la justice est né de lui. 

King James Bible . [29] If ye know that he is righteous, ye know that every one that doeth righteousness is born of him.
Luther-Bibel . 29 Wenn ihr wisst, dass er gerecht ist, so erkennt ihr auch, dass, wer recht tut, der ist von ihm geboren.

Tekstuitleg van 1 Joh 2,29 .


GRIEKSE TEKST

1teknia mou, tauta grafô umin ina mè amartète. kai ean tis amartè, paraklèton echomen pros ton patera, ièsoun christon dikaion: 2kai autos ilasmos estin peri tôn amartiôn èmôn, ou peri tôn èmeterôn de monon alla kai peri olou tou kosmou. 3kai en toutô ginôskomen oti egnôkamen auton, ean tas entolas autou tèrômen. 4o legôn oti egnôka auton, kai tas entolas autou mè tèrôn, pseustès estin, kai en toutô è alètheia ouk estin: 5os d an tèrè autou ton logon, alèthôs en toutô è agapè tou theou teteleiôtai. en toutô ginôskomen oti en autô esmen: 6o legôn en autô menein ofeilei kathôs ekeinos periepatèsen kai autos [outôs] peripatein. 7agapètoi, ouk entolèn kainèn grafô umin, all entolèn palaian èn eichete ap archès: è entolè è palaia estin o logos on èkousate. 8palin entolèn kainèn grafô umin, o estin alèthes en autô kai en umin, oti è skotia paragetai kai to fôs to alèthinon èdè fainei. 9o legôn en tô fôti einai kai ton adelfon autou misôn en tè skotia estin eôs arti. 10o agapôn ton adelfon autou en tô fôti menei, kai skandalon en autô ouk estin: 11o de misôn ton adelfon autou en tè skotia estin kai en tè skotia peripatei, kai ouk oiden pou upagei, oti è skotia etuflôsen tous ofthalmous autou. 12grafô umin, teknia, oti afeôntai umin ai amartiai dia to onoma autou. 13grafô umin, pateres, oti egnôkate ton ap archès. grafô umin, neaniskoi, oti nenikèkate ton ponèron. 14egrapsa umin, paidia, oti egnôkate ton patera. egrapsa umin, pateres, oti egnôkate ton ap archès. egrapsa umin, neaniskoi, oti ischuroi este kai o logos tou theou en umin menei kai nenikèkate ton ponèron. 15mè agapate ton kosmon mède ta en tô kosmô. ean tis agapa ton kosmon, ouk estin è agapè tou patros en autô: 16oti pan to en tô kosmô, è epithumia tès sarkos kai è epithumia tôn ofthalmôn kai è alazoneia tou biou, ouk estin ek tou patros all ek tou kosmou estin. 17kai o kosmos paragetai kai è epithumia autou, o de poiôn to thelèma tou theou menei eis ton aiôna. 18paidia, eschatè ôra estin, kai kathôs èkousate oti antichristos erchetai, kai nun antichristoi polloi gegonasin: othen ginôskomen oti eschatè ôra estin. 19ex èmôn exèlthan, all ouk èsan ex èmôn: ei gar ex èmôn èsan, memenèkeisan an meth èmôn: all ina fanerôthôsin oti ouk eisin pantes ex èmôn. 20kai umeis chrisma echete apo tou agiou, kai oidate pantes. 21ouk egrapsa umin oti ouk oidate tèn alètheian, all oti oidate autèn, kai oti pan pseudos ek tès alètheias ouk estin. 22tis estin o pseustès ei mè o arnoumenos oti ièsous ouk estin o christos; outos estin o antichristos, o arnoumenos ton patera kai ton uion. 23pas o arnoumenos ton uion oude ton patera echei: o omologôn ton uion kai ton patera echei. 24umeis o èkousate ap archès en umin menetô: ean en umin meinè o ap archès èkousate, kai umeis en tô uiô kai en tô patri meneite. 25kai autè estin è epaggelia èn autos epèggeilato èmin, tèn zôèn tèn aiônion. 26tauta egrapsa umin peri tôn planôntôn umas. 27kai umeis to chrisma o elabete ap autou menei en umin, kai ou chreian echete ina tis didaskè umas: all ôs to autou chrisma didaskei umas peri pantôn, kai alèthes estin kai ouk estin pseudos, kai kathôs edidaxen umas, menete en autô. 28kai nun, teknia, menete en autô, ina ean fanerôthè schômen parrèsian kai mè aischunthômen ap autou en tè parousia autou. 29ean eidète oti dikaios estin, ginôskete oti kai pas o poiôn tèn dikaiosunèn ex autou gegennètai. 1idete potapèn agapèn dedôken èmin o patèr ina tekna theou klèthômen: kai esmen. dia touto o kosmos ou ginôskei èmas oti ouk egnô auton.


VULGAAT

1 filioli mei haec scribo vobis ut non peccetis sed et si quis peccaverit advocatum habemus apud Patrem Iesum Christum iustum 2 et ipse est propitiatio pro peccatis nostris non pro nostris autem tantum sed etiam pro totius mundi 3 et in hoc scimus quoniam cognovimus eum si mandata eius observemus 4 qui dicit se nosse eum et mandata eius non custodit mendax est in hoc veritas non est 5 qui autem servat verbum eius vere in hoc caritas Dei perfecta est in hoc scimus quoniam in ipso sumus 6 qui dicit se in ipso manere debet sicut ille ambulavit et ipse ambulare 7 carissimi non mandatum novum scribo vobis sed mandatum vetus quod habuistis ab initio mandatum vetus est verbum quod audistis 8 iterum mandatum novum scribo vobis quod est verum et in ipso et in vobis quoniam tenebrae transeunt et lumen verum iam lucet 9 qui dicit se in luce esse et fratrem suum odit in tenebris est usque adhuc 10 qui diligit fratrem suum in lumine manet et scandalum in eo non est 11 qui autem odit fratrem suum in tenebris est et in tenebris ambulat et nescit quo eat quoniam tenebrae obcaecaverunt oculos eius 12 scribo vobis filioli quoniam remittuntur vobis peccata propter nomen eius 13 scribo vobis patres quoniam cognovistis eum qui ab initio est scribo vobis adulescentes quoniam vicistis malignum 14 scripsi vobis infantes quoniam cognovistis Patrem scripsi vobis patres quia cognovistis eum qui ab initio scripsi vobis adulescentes quia fortes estis et verbum Dei in vobis manet et vicistis malignum 15 nolite diligere mundum neque ea quae in mundo sunt si quis diligit mundum non est caritas Patris in eo 16 quoniam omne quod est in mundo concupiscentia carnis et concupiscentia oculorum est et superbia vitae quae non est ex Patre sed ex mundo est 17 et mundus transit et concupiscentia eius qui autem facit voluntatem Dei manet in aeternum 18 filioli novissima hora est et sicut audistis quia antichristus venit nunc antichristi multi facti sunt unde scimus quoniam novissima hora est 19 ex nobis prodierunt sed non erant ex nobis nam si fuissent ex nobis permansissent utique nobiscum sed ut manifesti sint quoniam non sunt omnes ex nobis 20 sed vos unctionem habetis a Sancto et nostis omnia 21 non scripsi vobis quasi ignorantibus veritatem sed quasi scientibus eam et quoniam omne mendacium ex veritate non est 22 quis est mendax nisi is qui negat quoniam Iesus non est Christus hic est antichristus qui negat Patrem et Filium 23 omnis qui negat Filium nec Patrem habet qui confitetur Filium et Patrem habet 24 vos quod audistis ab initio in vobis permaneat si in vobis permanserit quod ab initio audistis et vos in Filio et Patre manebitis 25 et haec est repromissio quam ipse pollicitus est nobis vitam aeternam 26 haec scripsi vobis de eis qui seducunt vos 27 et vos unctionem quam accepistis ab eo manet in vobis et non necesse habetis ut aliquis doceat vos sed sicut unctio eius docet vos de omnibus et verum est et non est mendacium et sicut docuit vos manete in eo 28 et nunc filioli manete in eo ut cum apparuerit habeamus fiduciam et non confundamur ab eo in adventu eius 29 si scitis quoniam iustus est scitote quoniam et omnis qui facit iustitiam ex ipso natus est